Blokken aanleggen.
De beginselen van het geautomatiseerd rijden.


Hieronder lees je hoe je een begin kan maken om je baan door de PC aan te laten sturen. Er zijn verschillende manieren, dit is de werkwijze die ik heb toegepast.



In deze uitleg ga ik uit van een ovaal met een 2 sporig station. (zie fig.1)
Dit ovaal moet in blokken verdeeld gaan worden, zodat straks de computer o.a. weet welke delen van de baan bezet zijn, en welke vrij. In figuur 1 heb ik reeds een blokverdeling voor het ovaal aangegeven.

k-digi-ontwerp-1 (14K)
(Figuur: 1)

Zoals je nu al kan zien is dat de wissel buiten de blokken vallen. Dit is zo omdat als er een trein in blok-1 zou staan, en het wissel hoort bij dat blok, er geen trein vanuit blok-5 naar blok-2 zou kunnen omdat hij over het bezette wissel zou moeten rijden.

Het dient de voorkeur om de blokken minstens net zo lang te houden als je langste trein, dit werkt het meest efficient met de ruimte op je baan. Echt kan je de blokken wel korter maken (heb ik ook) maar dan kost het je in sommige gevallen wel wat rij-ruimte, want als je blokken van 100cm hebt en een trein van 150cm, dan houdt hij twee blokken (2x 100cm) bezet en is dus 50cm baan onnodig bezet.


Goed. Het plan is er. Maar hoe vedelen we de modelbaan in stukken? Nou zo:
Een blok ziet er als volgt uit (figuur 2)
k-digi-ontwerp-2 (12K)
(Figuur: 2)

Een blok bestaat in principe uit twee of drie delen. In dit voorbeeld laat ik drie delige blokken zien. De baan wordt enkelzijdig onderbroken zoals hierboven te zien aan de blauwe streepjes in Figuur 2. Vedeel het blok zodanig dat je 3 delen krijg binnen dat blok.
De buitenste twee delen, aan het begin en eind van het blok, moeten in H0 1/87 een lengte van minstens 10cm hebben voor een goede detectie. (Mijn toegepaste secties zijn ongeveer 40cm.)
De lengte van het middelste deel kan geheel naar eigen inzicht.

Nu je baan daadwerkelijk verdeeld is in blokken en secties kunnen we naar de aansluitingen. Aansluiten is op zich eenvoudig, maar je moet er wel het koppie bijhouden, het noteren van de aansluitingen is een aanrader.
Als we uitgaan van een enkele rijrichting komt de trein eerst binnen op een Inrijsectie, de computer weet nu dat de trein is aangekomen in dat blok. Hij zal dan de trein afremmen in afwachting van een melding van de Stopsectie dat de trein aan het eind van het blok is aangekomen en (afhankelijk van de situatie) moet stoppen.
Er zitten dus twee melderpunten in een blok, die worden allebei aangesloten op de Terugmelder (Detectie) (b.v. DigiKeijs 4088). Deze terugmelder (Detector) sluit je aan op de onderbroken rail in de betreffende secties. Zie hieronder Figuur 3. Op het tussenliggende deel waar geen detectie op zit sluit je gewoon de baan voeding (+) en (-) vanuit je centrale aan. Omdat je de baan enkelzijdig onderbroken hebt is het niet nodig om op de gedetectreerde delen ook nog een (-) aan te leggen, het mag/kan uiteraard wel.
Bij korte blokken is het mogelijk om het tussenliggende deel achterwege te laten. De inrij- en Stopsectie komen dan tegen elkaar aan te liggen.

k-digi-ontwerp-3 (23K)
(Figuur: 3)

Alle blokken sluit je zo aan. De Wissels worden op de baan voeding (+) en (-) vanuit je centrale gezet.
De Terugmeld modules worden gevoed door de (+) van je baanvoeding.
hieronder in Figuur 4 zie je het ovaal weer, maar dan helemaal aangesloten.

k-digi-ontwerp-4 (56K)
(Figuur: 4)

Blauwe stip = Rail onderbreking/isolatie.
Gele stip = Detectie punt aansluiting.
Rode stip = (+) vanaf centrale baanvoeding.
Zwarte stip = (-) vanaf centrale baanvoeding.

Zie je dat het best eenvoudig is, maar een hoop werk.